Hartklepoperatie

Er zijn twee mogelijkheden: de hartklep wordt vervangen of gerepareerd.

Als blijkt dat de pompfunctie van het hart achteruitgaat en het hart geleidelijk minder aan kan, is het verstandig om achteruitgang te voorkomen. De cardioloog kan adviseren om een hartklepoperatie uit te voeren. Een ingreep aan de hartkleppen is een grote operatie die de nodige voorbereiding vereist.

Wanneer de kleppen van het hart weigeren

Om ervoor te zorgen dat boezems en kamers van het hart het bloed altijd in de juiste richting kunnen pompen, werken de vier hartkleppen als ventiel en verhinderen dat het bloed in de verkeerde richting terugstroomt. Elke harthelft heeft een zeilklep en een halvemaanvormige klep. De zeilkleppen liggen tussen boezem en kamer en heten mitralisklep (linkerdeel van het hart) en tricuspidalisklep (rechterdeel van het hart). De halvemaankleppen liggen telkens tussen kamer en uitstroomvat en heten aortaklep (linkerdeel van het hart) en pulmonalisklep (rechterdeel van het hart). De hartkleppen bestaan uit fijn en zeer elastisch bindweefsel. Elke hartklep opent en sluit in de loop van slechts één dag ca. 120.000 keer.

Het hart met de 4 hartkleppen

Om ervoor te zorgen dat de pompfunctie van het hart optimaal functioneert, moet elke hartklep afhankelijk van de hartfase correct openen en sluiten. Wanneer dat niet het geval is, dan is er sprake van een hartklepgebrek. In principe wordt er onderscheid gemaakt tussen twee vormen klepgebreken. Bij de vernauwing (stenose) komt er niet voldoende bloed door de klep en hoopt het zich op in het daarvoor liggende hartgebied. Bij een lekkage (insufficiëntie) van de hartklep stroomt een deel van het voortgestuwde bloed weer achter de hartklep terug.

Er zijn verschillende oorzaken voor hartklepgebreken. Aangeboren hartklepgebreken kunnen bijvoorbeeld ontstaan door de gevolgen van schadelijke stoffen in de zwangerschap of bij aandoeningen van de moeder in de loop van de zwangerschap (b.v. rodehond of diabetes mellitus). Ook bepaalde defecten in de erfmassa kunnen leiden tot aangeboren hartklepgebreken. Verkregen hartklepgebreken ontwikkelen zich bijvoorbeeld na een hartinfarct, na een ontsteking van de hartspier (myocarditis) of van de binnenbekleding van het hart (endocarditis), door kalkafzettingen of bij tumoren. Bij ca. 99 % van de hartklepaandoeningen gaat het om verkregen hartklepgebreken.

Wanneer de klepfunctie van de kleppen zo ver gestoord is, dat het bloed wordt opgestuwd of terugstroomt, moet het hart harder werken om het bloed te kunnen blijven rondpompen. Door de hogere belasting van de hartwand en de hartspier kunnen hartzwakte (insufficiëntie) en hartritmestoornissen ontstaan, die in ernstige gevallen kunnen leiden tot hartfalen. De verminderde functie van de bloedsomloop leidt tot vochtophopingen (oedemen) in het weefsel, hetgeen zich bijvoorbeeld kan uiten in ademnood, been- of leverzwellingen.

  • kunst hartklep
    Er zijn twee mogelijkheden: de hartklep wordt vervangen of gerepareerd.

    In principe wordt gestreefd naar reparatie van de eigen hartklep, omdat de complicaties daarbij zowel tijdens als na de operatie kleiner zijn dan bij een vervangende klepoperatie.

     

  • Reparatie hartklep
    Bij een reparatie van een hartklep kan de chirurg bijvoorbeeld vergroeide klepbladen losmaken of een uitgerekte klepring een beetje kleiner maken.

    Vervanging hartklep
    Bij een vervanging haalt men de natuurlijke klep helemaal of gedeeltelijk weg en vervangt men de hartklep door een kunstklep of een biologische klep.

    Mechanische klep
    De mechanische kleppen zijn gemaakt van duurzaam materiaal: kunststof of koolstof en metaal. Hierdoor slijten ze nauwelijks en gaan in principe een leven lang mee. Sommige mechanische kleppen maken een tikkend geluid dat hoorbaar is voor de patiënt.
    Dragers van een mechanische klep moeten levenslang antistollingsmiddelen blijven slikken.

    Biologische klep
    De biologische kleppen (of bioprothesen) zijn gemaakt van speciaal bewerkt weefsel van dieren (varkens of runderen) of het zijn donorkleppen van mensen (een zogenoemde homograft). Het voordeel van biologische kleppen is dat ze vrij gemakkelijk te plaatsen zijn, dat ze geluidloos zijn en dat de patiënt geen antistollingsmiddelen hoeft te gebruiken. Een nadeel is dat ze op den duur slijten en op een gegeven moment weer vervangen moeten worden.

    Toepassing
    Als de afwijking niet ernstig is dan kunnen medicijnen ervoor zorgen dat het hart minder hard hoeft te werken waardoor de patiënt minder last ondervindt van de niet goed werkende hartklep.

    Soms kan een vernauwde hartklep worden opgerekt. Dit gebeurt met behulp van ballondilatatie. Bij ernstiger afwijkingen, of wanneer de toestand van het hart en de kleppen achteruit gaat kan men besluiten om te opereren. De specialisten wegen in samenspraak met de patiënt af welk soort operatie, reparatie of vervanging (mechanische of biologische klep) het meest geschikt is.

    De operatie
    De chirurg snijdt het borstbeen open over een lengte van ongeveer twintig centimeter. Door daarna de twee helften met de ribben opzij te duwen kan hij bij het hart komen.

    Het lichaam wordt gedurende de operatie aangesloten op de hart-longmachine. Deze machine zorgt voor voldoende aanvoer van zuurstof (en voedingsstoffen) voor het lichaam; de functie die het hart normaal gesproken vervult. Als er geen bloed meer door het hart loopt, wordt het hart met een speciale vloeistof gekoeld en stilgelegd. Daarna opent de chirurg het hart en bekijkt de klep die geopereerd gaat worden. Pas dan beslist hij wat voor operatie hij gaat uitvoeren: een reparatie of een klepvervanging.

    Als de chirurg de operatie heeft uitgevoerd, wordt het bloed weer door de slagaderen (kransslagaderen) van het hart geleid en het lichaam weer op normale temperatuur gebracht. Het borstbeen wordt met metaaldraad gesloten.

    Na de operatie verblijft de patiënt enige tijd op de intensivecareafdeling. Het totale verblijf in het ziekenhuis duurt ongeveer 8 dagen.
    Na de operatie komt men in aanmerking voor hartrevalidatie.

    hartklep, plaatsing van een hartklep, kunst hartklep

    Operatie via hartkatheterisatie
    Hartklepvervanging via hartkatheterisatie is een operatie waarbij het borstbeen niet open hoeft. Deze operatie is inmiddels enkele malen uitgevoerd in het buitenland en ook in Nederland. Momenteel is deze vorm van operatie nog in een experimenteel stadium.

    Dokter er is iets mis, mijn hartklep klinkt anders…’.

    Geluidsdiagnose van mechanische kunsthartkleppen ter voorkoming van trombose..

    Hartkleppen zijn de sluisdeuren van het bloedcirculatiesysteem. Ons hart telt er vier en ze regelen de doorstroming van het bloed, zodat het voldoende stuwing krijgt om de lange weg doorheen het lichaam af te leggen. Een fout in één van deze kleppen heeft dan ook fatale gevolgen.

    Om hartfalen te voorkomen bij aangeboren hartklepafwijkingen, slijtage door ouderdom, infectie of andere oorzaken, is een hartklepvervanging vaak de enige oplossing. Hiervoor zijn er vandaag de dag twee mogelijkheden:

    een biologische ‘dode’ kunsthartklep van een varken, of een metalen ‘mechanische’ klep. De mechanische klep is echter de enige die het vermoeiende werk – een klep opent en sluit gemiddeld zo’n zeven miljoen keer per dag – levenslang uithoudt zonder te verslijten. Daarom is zij voorlopig de enige oplossing voor jonge patiënten en vinden er jaarlijks in Europa ongeveer 75 000 implantaties van deze kleppen plaats.

    De kracht van de mechanische klep is echter meteen ook haar grootste zwakte: metaal. Ons immuunstelsel is immers zo opgebouwd dat het meteen reageert op lichaamsvreemde objecten, zoals metaal, door middel van een stollingsreactie van het bloed en de vorming van littekenweefsel. Deze ingebouwde veiligheid heeft in dit geval catastrofale gevolgen wanneer de op de klep gevormde bloedklonters (trombi) in de bloedbaan terechtkomen en ergens een opstopping veroorzaken, ook wel trombose genaamd. Het littekenweefsel kan ook de scharniertjes van de klep laten stroppen zodat de klep niet meer opent of sluit en het probleem weer van voor af aan begint. Sterfte door kunstklep gerelateerde trombose komt jaarlijks wereldwijd in 0.03 tot 4.3% van de gevallen voor, een niet verwaarloosbaar aantal.

    Hoe goed de kleppen ook bedekt worden met zogenaamde ‘biocompatibele’ deklagen, het risico blijft bestaan. Daarom dienen patiënten met een kunsthartklep levenslang en dagelijks antistollingsmedicatie oftewel bloedverdunners te slikken. Het spreekt voor zich dat dit het risico op hevige bloedingen en andere ongunstige neveneffecten met zich meebrengt, waardoor de levenskwaliteit van deze patiënten soms onnodig daalt. Onnodig, omdat deze bloedverdunners preventief worden ingenomen, zonder zekerheid dat er überhaupt klonter- of littekenweefselvorming is. Het grootste deel van de tijd functioneert deze hartklep waarschijnlijk perfect normaal, maar dit kan niet gecontroleerd worden, noch met een stethoscoop, noch met gesofisticeerde technieken zoals echocardiografie en röntgen fluoroscopie.

    Toch zullen sommige hartkleppatiënten deze laatste bewering durven weerleggen. ‘Dokter, er is iets mis, mijn klep klinkt anders.’, heeft al meer dan één arts van zijn patiënt te horen gekregen, en meer dan eens had deze het bij het rechte eind. Wanneer er zich een bloedklonter tussen de scharniertjes of op de klepblaadjes vormt, is er een verandering in de wijze van openen en sluiten, en kan het dus inderdaad zijn dat de klep anders gaat ‘klinken’.

    Alle documenten op deze sites zijn louter informatief en mogen niet beschouwd worden als rechtsgeldige documenten.De vzw kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor de informatie op deze website. Hoewel het onze bedoeling is om bijgewerkte en juiste informatie te verspreiden, kunnen we geen perfect resultaat garanderen. Eventuele onjuistheden die ons worden gesignaleerd, zullen we zo spoedig mogelijk verbeteren.

Medische behandelingen

Soorten medische behandelingen

Hartritmestoornissen, hartinfarct, een stent of transplantatie, daar hebben we van gehoord, zelfs een bypass denken we te kennen, maar het fijne weten we niet. Dat laten we over aan gespecialiseerde artsen.

 

"De reden dat ik ziekten heb, is dat ik een lichaam heb. Als ik geen lichaam had, wat voor ziekte zou ik dan kunnen hebben?"

U weet het zeker:"dit geen tweede keer !"

Na het doormaken van een hartinfarct weet u het zeker: "dit geen tweede keer meer!". Er zijn een aantal factoren waar u zelf iets aan kan veranderen om de kans op een tweede infarct te verkleinen. Niet alleen stoppen met roken en meer te bewegen, maar ook door uw eetgewoonten aan te passen. Het is belangrijk dat u gevarieerd en lekker eet, anders houdt u het niet vol. Lekker en gezond eten gaan heel goed samen. Er zijn dan wel een paar dingen om op te letten, vandaar dit voedingsadvies.

Cholesterol

Eén van de risicofactoren voor het krijgen van een hartinfarct is een te hoog cholesterolgehalte in het bloed. Dit kan verhoogd zijn door het eten van het verkeerde vet, een te hoog lichaamsgewicht of door een erfelijke oorzaak. Cholesterol is een stof die door het lichaam zelf wordt aangemaakt en wordt gebruikt voor het opbouwen van onder andere hersenweefsel en bepaalde hormonen. Cholesterol is zeker noodzakelijk, maar niet in grote hoeveelheden. Er zijn twee soorten vet: verzadigd en onverzadigd vet. Verzadigd vet verhoogt het cholesterolgehalte en verhoogt daarmee het risico op hart- en vaatziekten.

Onverzadigd vet helpt juist het cholesterolgehalte te verlagen en is dus beter. Verzadigd vet komt voor in roomboter, koekjes, gebak, snacks, vette vleeswaren, eieren en orgaanvlees.

Onverzadigd vet komt vooral voor in olie, vloeibare bak- en braadproducten,vloeibare/zachte margarine of halvarine, noten en vette vis. Voorbeelden van vette vis zijn zalm, bokking, heilbot en makreel. De onverzadigde vetten van vis hebben, naast een gunstige invloed op het vetgehalte in het bloed, ook een beschermende werking tegen hartritmestoornissen.

Daarom luidt het advies: wees matig met vet en kies vooral onverzadigd vet. Eet één à twee keer per week vette vis.

Groente en fruit

Ook het eten van groente en fruit vermindert de kans op hart en vaatziekten. Dit komt door de aanwezige voedingsstoffen zoals kalium, antioxidanten en vezels. Mogelijk spelen ook andere stoffen een rol. Het advies is om dagelijks 200 gram groente en fruit te eten.

Matig met zout

Wees matig met zout. Teveel zout zorgt voor een verhoging van de bloeddruk. Een te hoge bloeddruk is schadelijk voor hart- en bloedvaten. Door het eten van minder zout kan de bloeddruk beter onder controle worden gehouden. U kunt uw maaltijd meer smaak geven door gebruik te maken van kruiden, zoals basilicum, kerrie, peper en oregano. Beperk producten die grote veel zout bevatten, zoals kaas, chips, soepen, sauzen enz...

Naast het verminderen van zout, zorgen gewichtsvermindering, het eten van groente en fruit en meer lichaamsbeweging voor verlaging van de bloeddruk. Samen met bloeddruk verlagende medicijnen, hebben ze een versterkend effect op de verlaging van de bloeddruk.

Overgewicht.

Overgewicht heeft allerlei gevolgen: suikerziekte, hoog cholesterolgehalte en een hoge bloeddruk. Dit zijn allemaal risicofactoren voor een herhaling van een hartinfarct. Daarom is het belangrijk dat u een gezond lichaamsgewicht heeft. Met de Body Mass Index (BMI) en tailleomvang kan op een eenvoudige wijze worden nagegaan in hoeverre het lichaamsgewicht gezond is. Er moet een balans zijn tussen uw dagelijkse voedselinname en de energie die u verbruikt. Energie haalt u uit voedsel en verbruikt u door lichamelijke activiteiten. Maar als u teveel eet en/of te weinig beweegt dan verbrandt u te weinig energie. Dit wordt opgeslagen als vet. Hierdoor wordt u dikker. Met een gewichtsverlies van 5 tot 10 kg is al veel gezondheidswinst te behalen.

Voedingsgewoonten veranderen is ingrijpend. Informatie en begeleiding zijn noodzakelijk. De diëtist kan advies en begeleiding op maat geven. Dit is niet altijd de diëtist van het ziekenhuis. Ook in het revalidatiecentrum, de thuiszorg in eigen woonplaats of de zelfstandig gevestigde diëtist kan begeleiding bieden. Hiervoor is wel een verwijzing van uw huisarts of specialist nodig. Dit kunt u vragen aan uw dokter. Vraag uw ziektekostenverzekeraar in hoeverre de kosten worden vergoed.

U hebt niet gevonden wat je zocht?

Correcties en/of opmerkingen zijn altijd welkom. Ook eventuele ontbrekende artikelen kunnen hier gemeld worden.