Hartfilmpje ECG

Het hartfilmpje registreert de elektrische activiteit van de hartspier

Het hart is een spier die door samen te trekken het bloed het lichaam in pompt. De hartspier wordt aangezet om samen te trekken door een klein elektrisch stroompje dat het hart activeert en als een golf over de hartspier loopt. Deze elektrische stroompjes zijn niet voelbaar, maar kunnen wel aan de oppervlakte van het lichaam geregistreerd worden en omgezet worden in een signaal door een ECG-apparaat (elektrocardiograaf).

Het hartfilmpje registreert de elektrische activiteit van de hartspier en wordt weergegeven in een soort grafiek op registratiepapier of op een beeldscherm.

Drie fasen
Op het hartfilmpje worden de drie verschillende fasen van de hartwerking onderscheiden: de samentrekking (depolarisatie) van de hartboezems (P-top), de samentrekking van de hartkamers (QRS-complex) en de periode waarin het hart zich weer oplaadt (repolarisatie, de T-top).

De resultaten van het ECG geven informatie over de hartfunctie, het hartritme, de grootte van het hart en de zuurstofvoorziening. Verder kan men oude of recente hartinfarcten zien en afwijkingen die veroorzaakt zijn door slecht werkende kleppen.

  • hartfilmpje, man, hartfilmpje, ziekenhuis
     
  • Het onderzoek

    Op de borst, benen en armen wordt een aantal elektroden met draden bevestigd die verbonden zijn met het ECG-apparaat. De registratie duurt ongeveer twintig seconden. Hierbij is het belangrijk dat de patiënt stilligt zodat de registratie niet verstoord wordt door activiteit van andere spieren dan het hart. Er worden twaalf verschillende registraties (afleidingen) gemaakt, waarbij als het ware vanaf twaalf verschillende punten naar het hart wordt gekeken. Op deze manier krijgt men een duidelijk ruimtelijk beeld van het hart.

    Bij ritmestoornissen kan het nodig zijn om het hartfilmpje gedurende een langere tijd (24 tot 48 uur) te kunnen registreren. Dat kan via een draagbaar bandrecordertje, een Holterregistratie.

    Bron:Leo Kuijpers Cardiomyopathie patiënt en biochemicus met medewerking van R.A.M. van Langeveld, cardioloog.

    hartfilmpje,resultaten,ECG,informatie,hartfunctie, hartritme, hart, zuurstofvoorziening, hartinfarct, afwijkingen, veroorzaakt, hartfilmpje

     

    Een electrocardiogram (ECG) is een hartfilmpje. Een ECG registreert de elektrische activiteit van uw hart en geeft uw hartritme weer. Het onderzoek duurt ruim vijf minuten en gebeurt bij de hart-long functieafdeling.   het onderzoek Nadat u uw bovenlichaam heeft ontbloot, neemt u plaats op een onderzoeksbank. Er worden zes stickers op uw borst geplakt en één op beide polsen en enkels. Deze kunnen koud aanvoelen. Indien nodig wordt de huid eerst ontvet met alcohol. Dat zorgt voor een goede elektrische geleiding.   Als de voorbereidingen achter de rug zijn, blijft u een paar minuten stil liggen en probeert u zich zoveel mogelijk te ontspannen. Dan registreert het ECG-apparaat uw hartritme. Dit wordt vertaald in een hartfilmpje, dat direct op een beeldscherm zichtbaar is, geprint en naar het ziekenhuisysteem verzonden kan worden. Uit deze weergave van de elektrische activiteit uw hart kan de cardioloog veel informatie afleiden.     let op Het is belangrijk dat u voor het maken van een ECG uw huid niet met bodylotion of iets dergelijks hebt ingesmeerd.

    Wat ziet de arts?

    Op het hartfilmpje staan de drie verschillende fasen van de hartwerking:

    - De samentrekking (depolarisatie) van de hartboezems (P-top)
    - De samentrekking van de hartkamers (QRS-complex)
    - De periode waarin het hart zich weer oplaadt (repolarisatie, de T-top)

    De resultaten van deze drie fasen geven uw arts belangrijke informatie over:

    - Uw hartritme
    - De grootte van uw hart
    - Of uw hart voldoende zuurstof krijgt

    Verder ziet de arts een oud of recent hartinfarct.

    Uitslag
    De cardioloog bespreekt direct tijdens het bezoek de uitslag van de ECG met de patiënt.

  • Alle documenten op deze sites zijn louter informatief en mogen niet beschouwd worden als rechtsgeldige documenten.De vzw kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor de informatie op deze website. Hoewel het onze bedoeling is om bijgewerkte en juiste informatie te verspreiden, kunnen we geen perfect resultaat garanderen. Eventuele onjuistheden die ons worden gesignaleerd, zullen we zo spoedig mogelijk verbeteren.

Onderzoeken

Soorten medische onderzoeken

Men heeft wel veel over medische onderzoeken gehoord, maar wat voor onderzoeken zijn er eigelijk?

 

HOOFDMENU

Kenmerkend voor iemand met angst voor ziekten is dat zo iemand zich niet of slechts kort laat geruststellen door de dokter. Ook al heeft uitgebreid medisch onderzoek niets aan het licht gebracht, steeds weer duikt de angst op dat hij of zij een ernstige ziekte onder de leden heeft. De vraag is natuurlijk, hoe komt het dat iemand zich ondanks geruststellende uitslagen van de onderzoeken zulke zorgen blijft maken? Wanneer iemand zich zorgen maakt over het hart (bij pijn of druk op de borst) dan verdwijnt de angst als ook het onaangename gevoel op de borst vermindert.
paniek
Als iemand angst voor ziekten heeft, zal hij of zij voortdurend alert zijn op tekenen van (on-)gezondheid. Vaak gebeurt het dat mensen die nogal zorgelijk zijn waar het hun gezondheid betreft als kind geconfronteerd zijn met ziekten. Zij hadden bijvoorbeeld een chronisch zieke vader moeder, broer of zus. Soms zijn zij zelf vaak ziek geweest. Het overlijden van een familielid kan een haast onuitwisbare indruk hebben gemaakt. Dergelijke ervaringen leiden vaak tot daarbij passende overtuigingen, over de eigen kwetsbaarheid. In concrete situaties geven die overtuigingen aanleiding tot gedachten als 'Ik heb een zwakke gezondheid' of 'ik ben bijzonder vatbaar voor ernstige, dodelijke ziekten' of 'het is een wonder dat ik nog leef'. Deze gedachten worden niet expliciet geformuleerd en men noemt ze daarom wel 'automatische gedachten'. Ze bepalen het gedrag, de waarneming en emoties. Ze maken angstig.
Gedragsveranderingen
De angst voor ziekte kan ook tot gedragsveranderingen leiden, die zelf weer gevolgen hebben voor de gezondheid en aanwezigheid van lichamelijke verschijnselen. Iemand kan minder naar buiten gaan om besmettingen te voorkomen, zich zelf ontzien om uitputting te voorkomen. Deze gedragsveranderingen kunnen ook leiden tot verzwakking en daarmee tot meer lichamelijke klachten zoals gevoelens van vermoeidheid. Deze gevoelens kunnen weer voedsel geven aan de gedachte dat men ziek is. Dan wordt natuurlijk de vraag gesteld, wat is er met mij aan de hand? Het antwoord laat zich raden.
Geruststelling
Een ander belangrijk gedrag voor de in stand houding van de angst voor ziekten is het zoeken van geruststelling, bij de dokter. Elke keer dat men opgelucht (verschijnselen nemen af) de wachtkamer van de dokter uit komt wordt de automatische gedachte,' ik ben zwak, ik kan de angst voor de risico's van het leven niet aan', nogmaals ondersteund. Men raakt er van overtuigd niet zonder de steun van de dokter te kunnen leven.